
Er zijn vijf doorslaggevende factoren om je te verbinden aan een vereniging – of dat niet te doen. Vraag je op elk van deze factoren af hoe de vereniging hierin beantwoord aan de verwachtingen van nog-niet-leden.
Netwerk - Jonge mensen willen nog netwerken opbouwen, het verenigingsdomein onderzoeken en vormgeven en doen dit online - of ze nou de directeuren zijn van een organisatie, professionals of als persoon betrokken bij een vereniging. Lukt het de vereniging om bestaande en nieuwe netwerken met elkaar te verbinden?
Sparen of spenden - Als het economisch tij tegenzit worden sommige investeringen gezien als kosten en zijn mensen voorzichtig in het aangaan van financiële verplichtingen. Helpt de vereniging leden om meer geld te besparen, meer geld te verdienen of om geld beter te besteden?
Tijd - Tijd is even schaars, of misschien nog schaarser dan geld. Als het kan om betrokken te zijn met minder tijd is dat aantrekkelijk(er). Dit kan betekenen: minder lidmaatschappen aangaan, kiezen voor wat echt belangrijk is. Voorkeur voor online en lokaal contact. Minder bijeenkomsten bijwonen en liever bijeenkomsten met minder mensen. Dus ook hier: helpt de vereniging leden om minder tijd te besteden, meer tijd te krijgen of tijd beter te besteden?
Wat doen wij? - Organisaties en bedrijven volgen steeds meer een beslissingsproces waarbij door een team wordt gekeken naar het belang van lidmaatschap. Voor de organisatie (branchevereniging) of voor de medewerkers (beroepsorganisatie). Ja is minder vanzelfsprekend en niet meer de keuze van de directeur alleen. Communiceert de vereniging met verschillende mensen in verschillende functies in bedrijven en organisaties?
Globalisering van betrokkenheid - Individuen en organisaties hebben steeds meer netwerken over grenzen heen en sluiten zich aan bij internationale organisaties.Tijd om nog eens goed te kijken naar de relatie met de internationale koepel, valt hier meer uit te halen door samen te werken?
bron: associationlaboratory